tempo bepalen met een metronoomTot nu toe hebben we al veel lessen gehad over het noten leren lezen. We hebben onder andere geleerd hoe we de noten op de notenbalk plaatsen en welke tekens er allemaal bestaan in het bladmuziek voor de piano. Maar we zijn er nog niet, want hoe moet de pianomuziek nu echt klinken? We hebben het dan over het geluidsniveau van de verschillende noten op de notenbalk. Wanneer moet een noot nou luid worden gespeeld of juist zacht? En hoe zien we nou als noten snel of langzaam gespeeld moeten worden? We spreken dan over het ‘tempo‘ en de ‘interpretatie‘ van de muziek. In dit hoofdstuk zullen we laten zien hoe een muziekstuk nu echt gespeeld moet worden en welke tekens men hiervoor heeft bedacht.

Bekijk het beste noten leren lezen boek
Meer informatie

De interpretatie van de pianist

Elke pianist heeft zijn eigen manier van spelen. Wanneer er bijvoorbeeld bij een muziekstuk wordt aangegeven dat de noten snel moeten worden gespeeld, dan zal de ene pianist sneller spelen dan de andere. We noemen dit ook wel de interpretatie van een muziekstuk. Bij pianisten zal deze interpretatie vooral terugkomen in het tempo waarop een pianist zal spelen. Het tempo valt dus onder de interpretatie van een muzikant en zal dus niet voor iedereen hetzelfde zijn. Daarnaast zijn er wel diverse regels bedacht om de snelheid van een muziekstuk aan te geven, maar hierbij geldt alsnog dat men zelf het tempo mag bepalen.

Tempo

In het hoofdstuk maten hebben we geleerd dat een maat gevuld moet worden met een bepaalde hoeveelheid tellen. Ook zagen we dat aan elke noot een bepaalde telwaarde wordt toegekend. De tellen kun je zien als een bepaald tempo (1-2-3 of 1-2-3-4). Maar hoe snel moeten deze muzieknoten nou precies worden gespeeld en hoeveel tijd zit er tussen de verschillende maten? Ook hiervoor maken we weer gebruik van Italiaanse woorden, welke aan het begin van een muziekstuk worden geplaatst. We onderscheiden de volgende twee methodes om het tempo te noteren:

  • Methode 1: We beschrijven het tempo in de vorm van woorden als ‘snel’ of ‘traag’. Zoals gezegd zullen deze woorden in het Italiaans worden geschreven (een standaard voor de muziekwereld).
  • Methode 2: We noteren het aantal tellen, welke erin een minuut gespeeld moeten worden. Wanneer we bijvoorbeeld 60 tellen in een minuut willen spelen, dan is elke tel dus precies 1 seconde. De notatie is heel eenvoudig, want 60 tellen is 60 M.M. en 100 tellen 100 M.M.

Als pianist is het natuurlijk erg moeilijk om dit tempo precies te volgen. Daarom maakt men gebruik van een ‘metronoom’ (elektrische apparaatje), welke het tempo precies aangeeft door te tikken. De ‘M.M.’ achter het aantal tellen is eigenlijk een afkorting voor ‘Maelzels Metronoom’. Maelzel was een uitvinder welke in 1816 de techniek van de metronoom had verbeterd, zodat pianisten met al het gemak het tempo kunnen volgen. Daarnaast maakt men meestal gebruik van èèn van de twee methodes, maar soms ook gewoon van allebei. Hieronder zullen we de verschillende tempi (meervoud) beschrijven om duidelijk te maken hoe snel een pianist muzieknoten kan spelen.

Soorten tempi

Zeer langzame tempi

We weten dat de tempi gebaseerd zijn op het aantal tellen van een maat. De langzaamste tempi heeft in dit geval een snelheid van 30 tot 60 tellen per minuut. Dit wordt als volgt weergegeven op de notenbalk: M.M. 30 tot M.M. 60. Als we dit in woorden (methode 1) willen aangeven maken we dus gebruik van Italiaanse woorden. Voor de langzame tempi onderscheiden we de volgende woorden (van langzaam tot iets minder langzaam): grave, lento, largo, larghetto en adagio.

Tussen deze tempi is erin principe niet veel verschil, want soms speelt men grave toch wat sneller dan lento of largo. Dit heeft dan weer te maken met de interpretatie van de pianist. Om deze verschillende tempi, wat duidelijker te maken volgt hieronder een korte uitleg:

  • Grave: ernstig, zwaar en plechtig
  • Lento: langzaam en slepend
  • Largo: langzaam en statig
  • Larghetto: breed en langzaam
  • Adagio: langzaam en rustig

Misschien had je al wel gezien dat veel van deze tempi sterk op elkaar lijken, maar het eind alleen anders is. Zo betekent –etto van larghetto bijvoorbeeld ‘iets minder’. In dit geval betekent het dus ‘iets minder langzaam’, waardoor deze tempi net iets sneller is dan largo.

Matig langzame tempi

De matige langzame tempi is sneller dan de langzame tempi, maar nog steeds met een matige snelheid van 60 tot 90 tellen per minuut. Ook worden deze tempi weer als volgt genoteerd: M.M. 60 tot M.M. 90. Net als bij de voorgaande tempi hebben we weer een paar Italiaanse woorden voor in het bladmuziek. We onderscheiden bij de matig langzame tempi de volgende twee woorden: andante en andantino. Ook hier geldt weer dat andante soms ook sneller gespeeld kan worden dan andantino. Daarnaast lijken andante en andantino sterk op elkaar en is de èèn dus net iets sneller dan de ander. Hieronder zullen we nog even in het kort toelichten, wat deze twee tempi nou daadwerkelijk betekenen:

  • Andante: rustig
  • Andantino: net iets sneller dan andante (-ino staat voor ‘iets minder langzaam’)

Matig snelle tempi

Nu we de langzame tempi hebben gehad gaan we verdere met de wat snellere. Zo hebben we de matig snelle tempi met een aantal tellen van ongeveer 90 tot 120 per minuut. We schrijven dit dan weer als volgt op: M.M. 90 tot M.M. 120. Ook maakt men weer gebruik van een paar leuke woorden om deze tempi aan te geven: moderato, allegretto en allegro moderato. Om deze woorden nog te beter te kunnen begrijpen leggen we deze hieronder kort toe:

  • Moderato: matig snel
  • Allegretto: beetje snel en levendig
  • Allegro Moderato: vrij snel

Snelle tempi

We voeren het tempo eens flink op met tempi van 120 tot 160 tellen per minuut. We geven dit weer aan met M.M. 120 tot M.M. 160 en de volgende woorden: allegro en vivace. Het speciale van het tempo allegro is dat deze gecombineerd kan worden. Denk hierbij aan allegro vivace (snel en levendig), allegro con brio (snel en opgewekt) of allegro agitato (snel en onrustig). Deze woorden zullen in de volgende hoofdstukken worden omschreven, maar nu eerst een korte beschrijving van allegro en vivace:

  • Allegro: snel
  • Vivace: snel en levendig

Zeer snelle tempi

De allersnelste tempi die je tegen zal komen in het bladmuziek voor de piano heeft een snelheid van ongeveer 160 of meer tellen per minuut. Deze super snelle tempi noteren we als M.M. 160 of èèn van de volgende woorden: presto en prestissimo. Het tempo prestissimo is voor pianisten meestal te snel, waardoor deze vaak op dezelfde snelheid wordt gespeeld als presto. Ook hangt dit af van de ervaring van de pianist en/of het muziekstuk moeilijk is. Ook hebben deze woorden weer een bepaalde logica, want –issimo staat voor ‘nog meer’. Men heeft op basis hiervan weer een paar woorden bedacht: allegrissimo (sneller dan allegro) of vivacissimo (sneller dan vivace). Deze woorden zal je niet snel tegenkomen en daarom is het belangrijk om de volgende twee alleen te weten:

  • Presto: heel snel
  • Prestissimo: heel erg snel

Schrijfwijze tempi

Zoals je misschien al weet bestaan er diverse voortekens/sleutels, welke vooraan een notenbalk worden geschreven. Als we kijken naar de schrijfwijze van het tempo zien we ook dat deze aan het begin worden geschreven, maar dan wel boven de notenbalk. Nu we dit weten kunnen we kiezen uit de twee methodes: aantal tellen of Italiaanse woorden. Soms kan het tempo ook veranderen, waardoor men opnieuw bovenaan de notenbalk het tempo behoort te schrijven. Wanneer dit het geval is zal deze boven de maat komen te staan waar het nieuwe tempo geldt. Vaak zal je dan een ‘dubbele maatstreep’ tegenkomen, omdat zo duidelijk wordt gemaakt dat het muziekstuk een verandering ondergaat.

Het tempo uitbreiden

Naast de grote hoeveelheid Italiaanse woorden bestaan er nog meer woorden om het tempo uit te breiden. Met deze woorden kan men het tempo nog beter beschrijven en duidelijk maken hoe een muziekstuk nu echt moet worden bespeeld. Het woord allegro con brio is er èèn van, dit betekent dat de muziek ook vrolijk moet klinken. In dit geval is het alleen belangrijk om te weten dat je ook emoties kan overbrengen met geluiden. Hieronder staan een paar van deze woorden, zodat ze niet geheel vreemd zullen zijn als je ze tegenkomt in het bladmuziek voor de piano:

  • Agitato: onrustig en snel
  • Cantabile: vloeiend en zingend
  • Energico: krachtig en energiek
  • Espressivo: met uitdrukking en gevoel
  • Maestoso: statig en groots
  • Sostenuto: ingehouden en kalm

Veranderen van tempo

Bij de schrijfwijze van het tempo kwam ook de verandering van het tempo een klein beetje aan de orde. Zo hebben we geleerd dat er opnieuw het tempo boven de notenbalk wordt geschreven. In de meeste gevallen zal het tempo niet èèn keer veranderen, maar geleidelijk.  Om eigenlijk het tempo op te voeren of te vertragen maakt men weer gebruikt van Italiaanse woorden. We onderscheiden het volgende:

  • Accelerando: versnellen
  • Stringendo: versnellen
  • Rallentando: vertragen
  • Ritardando: vertragen
  • Ritenuto: snel vertragen
  • A tempo: hetzelfde tempo weer gebruiken

Het laatste woord ‘a tempo’ geeft dus eigenlijk aan dat er weer het normale tempo gespeeld moet worden, voordat er sprake was van een versnelling/vertraging. Voor de rest zijn er geen regels gekoppeld aan deze woorden en mag je dus zelf bepalen hoe veel je vertraagd of versneld.

Tempo
5 (100%) 11 votes

2 thoughts on “Tempo

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *